Op 1 april zijn de professionele standaarden bestuursrecht van kracht geworden. Deze professionele standaarden zijn door rechters en voor rechters opgesteld door de driehoek Centrale Raad van Beroep, De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en het College van Beroep voor het bedrijfsleven.

Juridisch zijn de standaarden niet bindend, maar ze geven wel een kader waarbinnen rechters moeten opereren. Zo wordt de kwaliteit en onafhankelijkheid gewaarborgd. Zo bevatten de standaarden (gedrags)normen en werkafspraken. Die bevatten geen schokkende nieuwe zaken, maar borduren meestal voort op afspraken die al van kracht waren. Zo zijn de afspraken een toevoeging aan bestaande gedragscodes, zoals de rechterscode NVvR en de Procesregeling bestuursrechtelijke colleges.

Dialoog als neveneffect

Voorbeelden zijn: ‘De rechter zorgt voor een goede communicatie met partijen en voor adequate informatie over de behandeling van de zaak’, ‘De rechter doet zijn uitspraak in heldere taal, op een wijze die past bij de zaak’, en ‘De rechter zorgt voor een zaaksbehandeling op maat, voor een goede inrichting en voortgang van de procedure en voor een tijdige afdoening’.

Doordat de standaarden opgesteld worden door rechters zelf is een beoogd neveneffect dat de dialoog onderling verder op gang komt. Daardoor is de verwachting dat er de komende jaren nog wijzigingen en toevoegingen komen, die de norm nog verder zullen aanscherpen. Mede daarom volgt er binnen drie jaar een evaluatie.

Bronnen: Binnenlands Bestuur, Mr-Online, Rechtspraak.nl

Delen: