De vereenvoudiging van het stelsel van griffierechten leidt tot ongewenste effecten: minder handelszaken en meer zaken in hoger beroep.

Vereenvoudiging stelsel griffierechten leidt niet tot gewenste effecten

De vereenvoudiging van het stelsel van griffierechten heeft geleid tot onbedoelde en ongewenste gevolgen. De operatie leidde tot minder handelszaken (vaak over arbeids- en huurzaken, verzekeringen en overeenkomsten) en tot meer zaken in hoger beroep. Onderzoekers spreken over een 'complexe operatie, met duidelijke kosten, niet zulke duidelijke baten en onvoorziene gevolgen'. De Raad voor de rechtspraak waarschuwde in 2011 voor het wetsvoorstel en adviseerde het parlement er niet mee in te stemmen.

De ongewenste en onbedoelde effecten blijken uit Evaluatie Wet griffierechten burgerlijke zaken: de complexiteit van vereenvoudiging, een gezamenlijk rapport van het ministerie van Veiligheid en Justitie en de Raad voor de rechtspraak.

Huidige wet maakt griffierechten te duur

De huidige Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz) verving de Wet tarieven in burgerlijke zaken (Wtbz). De Wtbz was volgens de wetgever 'ingewikkeld, niet transparant, niet consistent en arbeidsintensief'. Het belangrijkste doel van de Wgbz was vereenvoudiging, inzichtelijker tarieven en vermindering van werklast in civiele zaken voor de administraties van gerechten. Er waren twee randvoorwaarden: de toegang tot de rechter moest gewaarborgd blijven en de overheidsinkomsten dienden op peil te blijven. De onderzoekers keken naar de resultaten van de voornemens. De bevindingen zijn niet positief. De belangrijkste reden voor rechters, medewerkers van de Rechtspraak en juridisch hulpverleners (advocaten, gerechtsdeurwaarders en medewerkers van het Juridisch Loket) om negatief te oordelen over de Wgbz, is de hoogte van het griffierecht.

Raad wil toegankelijke rechtspraak

Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak: “Dit onderzoek toont precies aan waar wij bang voor waren. We hebben destijds aangegeven dat het riskant is in te grijpen in een goed functionerend systeem. Het belang van goede, toegankelijke rechtspraak is groot. Mensen mogen niet om financiële redenen afzien van een rechtszaak. Met name voor relatief kleine vorderingen zijn de tarieven nu te hoog. Dat mag niet in een rechtsstaat: mensen moeten hun recht kunnen halen.”

Minder handelszaken, strategisch procedeergedrag

Financiële afwegingen spelen een grote rol bij de beslissing wel of niet een beroep te doen op de rechter, aldus de onderzoekers. De tarieven zijn verhoudingsgewijs het sterkst gestegen bij de handelszaken met een financieel belang van 500 tot 5.000 euro. Als alleen wordt gekeken naar de invloed van de duurdere rechtsgang, dan daalde het aantal handelszaken in eerste aanleg met 20 procent. Ook is er sinds de Wgbz meer 'strategisch procedeergedrag': om minder griffierecht te hoeven betalen, worden bijvoorbeeld vorderingen verlaagd of gesplitst. De frequentie waarmee in handelszaken hoger beroep werd aangetekend nam, doordat deze rechtsgang goedkoper werd, juist met 28 procent toe.

Doelen niet gehaald

Ook op andere onderdelen zijn de doelstellingen van de Wgbz niet gehaald. De onderzoekers constateren dat door het 'betalen aan de poort' (de rechtszaak start pas na betaling griffierecht) de doelstelling van vereenvoudiging en vermindering van de werklast voor de administratie van de gerechten niet is gerealiseerd. De overheidsinkomsten uit griffierechten bleven in de periode 2009-2012 ook niet op peil met de uitgaven aan Rechtspraak, maar stegen veel sterker: 28 procent meer inkomsten tegen een stijging van de uitgaven met slechts 5 procent.

Gerelateerd:
Recht blijft toegankelijk

Bron: Rechtspraak.nl
Delen: