De Arbo Unie trekt aan de bel. Als we niet ophouden met het verkeerd behandelen van stress en burn-out klachten kan dit effect gaan hebben op de economische groei. Er zou meer aandacht moeten komen voor het tijdig herkennen en voorkomen van burn-out en stressgerateerde klachten. Anders kan in 2030 zomaar 25% van de beroepsbevolking thuis zitten of beduidend minder functioneren.

In twee decennia is het aantal burn-out gevallen maar liefst verdubbeld. Het is beroepsziekte nummer één in Nederland en 25% van de werkenden geeft aan regelmatig stressgerelateerde klachten te hebben. Ondanks deze cijfers en het feit dat deze trend al geruime gaande is, dient een oplossing zich nog niet aan. Reden voor Willem van Rhenen, hoogleraar aan de Nyenrode Universiteit en als stressexpert en bedrijfsarts verbonden aan Arbo Unie, om de noodklok te luiden.

Alarmerende cijfers

Dat het probleem nu al wijdverspreid is tonen de volgende cijfers aan:

  • 20-25% van jongeren heeft stress en burn-out klachten
  • In het onderwijs heeft 20% burn-out klachten
  • Een kwart van de werknemers in de zorg ervaart te hoge werkdruk
  • 25% van langdurige mantelzorgers voelt zich ernstig belast

"Deze cijfers laten zien waar de problematiek ligt. Tegelijkertijd is het een moeilijk aan te pakken probleem. Op dit moment hebben veel sectoren al een groot arbeidstekort." Van Rhenen neemt een vicieuze cirkel waar: Mensen die aan het werk zijn krijgen het steeds drukker, wat mede leidt tot meer burn-out klachten."

Taak voor de werkgevers

“De traditionele blik om te kijken naar belasting versus belastbaarheid lost het probleem rondom stress niet op. Het gaat niet om teveel werk of teveel stressfactoren, maar om te weinig hulpbronnen of buffers waarmee mensen zich kunnen opladen of verweren. Van Rhenen roept werkgevend Nederland op meer te doen om hun medewerkers te beschermen: “Kijk naar het gebrek aan hulpbronnen, zoals te weinig autonomie of verbinding, investeer in competenties, ga op zoek naar de talenten en vaardigheden van mensen. Vertrouw op de inzet en kracht van medewerkers en controleer veel minder. Geef mensen de ruimte en het gevoel dat ze invloed hebben op de eigen agenda. Maar vooral, geef complimenten en waardering en toon erkenning." Van Rhenen: “Het lijken eenvoudige ingrepen, maar het is verbazingwekkend hoe weinig werkgevers het toepassen.”

Bronnen: www.arbounie.nl, AD.

Delen: