Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken probeert zijn nieuwe wet arbeidsmarkt in balans (WAB) door de Eerste Kamer te krijgen. Hij stuit daarbij echter op het nodige verzet. Ook vanuit zijn eigen partij. De vraag is of het Koolmees tijdig gaat lukken.

De WAB heeft als beoogd effect dat vast werk flexibeler wordt, flexibel werk juist vaster. Vanuit verschillende kanten stroomden de vragen toe. Ook binnen zijn eigen partij, D66, is niet iedereen overtuigd van de wet. En hoewel het kabinet nu nog een meerderheid in de senaat heeft, is dat vanaf 11 juni niet meer het geval. Enige spoed is dus geboden als Koolmees de WAB ingevoerd wil hebben. Daarbij worstelt hij met een stortvloed aan vragen en opmerkingen die de leden van de vaste commissie voor sociale zaken en werkgelegenheid over hem uitstortten.

Commissie Borstlap

Naast de vragen van commissie heeft ook de Raad van State kritiek geuit op het wetsvoorstel. Vervelend is het voor de minister dat D66-senatoren zich bij die kritiek hebben aangesloten. Die komt er in het kort op neer dat de minister zich te veel vastbijt in het verminderen van de verschillen tussen vaste en flexibele contracten, terwijl de overheid eigenlijk een harde, uniforme ondergrens aan bescherming zou moeten vastleggen voor alle werkenden. Daarnaast vragen zij zich hardop af of de commissie Borstlap, die zich in opdracht van de minister buigt over de toekomst van de arbeidsmarkt, wel voldoende ruimte krijgt om mogelijkheden te verkennen voor alle werkenden, ongeacht de aard van het dienstverband. Tegelijkertijd wijzen ze op de 'brede zorgen' dat het kabinet in afwachting van het eindrapport van de commissie geen nadere voorstellen meer indient over de arbeidsmarkt. Het gevaar bestaat immers dat bedrijven hun toevlucht zoeken tot nog meer zzp-constructies als wetgeving uitblijft.

Bronnen: HRpraktijk.nl, FD, Divosa

Delen: