Ambtenaren gaan meer pensioenpremie betalen, maar worden daarvoor gecompenseerd.

Stijging pensioenpremie ambtenaren

Ambtenarenpensioenfonds ABP verhoogt vanaf 2017 de pensioenpremie in stapjes. Volgens ABP is een structureel hoger premieniveau nodig, omdat het fonds door de lage rente er financieel niet goed voor staat. Nu nog betalen ambtenaren 18,8 procent van hun salaris voor hun pensioen. Dat wordt volgend jaar 21,1 procent. Tegelijk is besloten dat de pensioenen de komende vijf jaar niet of nauwelijks meegroeien met de gemiddelde prijsontwikkeling (indexatie). Pas begin 2017 wordt bekend of er ook gekort gaat worden op de pensioenuitkeringen.

Gemiddeld 11 euro minder uit te geven

Het Rijk draait als werkgever voor het leeuwendeel van de hogere premie op. Voor een werknemer met een maandinkomen van 3.500 euro bruto betekent de premieverhoging een netto koopkrachtverlies van 11 euro per maand.

Compensatie door het Rijk

De regering heeft al besloten de ambtenaren te compenseren voor de premieverhoging waardoor ze er netto niets van merken. Het kabinet heeft daarvoor 330 miljoen euro vrijgemaakt. Minister Dijsselbloem van Financiën: “Door de maatregel kunnen de salarissen toch nog stijgen. Als je er geen extra geld bijlegt gaat dat ten koste van de loonsverhoging. Dat zou betekenen dat leraren, soldaten, politiemensen allemaal geen loonsverhoging zouden krijgen. Dat vinden wij voor deze tijd slecht te verantwoorden. Mensen hebben lang op de nullijn gezeten. Dat willen we niet meer.''

Bron: ANP

Delen: