Rijksambtenaren moeten vaker van functie of organisatie wisselen. Dat stelt minister Blok, verantwoordelijk voor de Rijksdienst. Het huidige gebrek aan mobiliteit is volgens de bewindsman een risico voor de baantevredenheid van ambtenaren, de aantrekkelijkheid van de overheid als werkgever en de kwaliteit van de dienstverlening. Blok komt dan ook met maatregelen om de mobiliteit te bevorderen.

Mobiliteit als norm

De minister waarschuwt dat bij ongewijzigd beleid de mobiliteit zal verslechteren, ook vanwege de vergrijzing. Mobiliteit moet de norm worden. Daarom moeten ministeries en rijksdiensten uiterlijk eind 2016 aangeven hoe ze meer mobiliteit gaan realiseren en welk personeel de komende jaren nodig is.

De minister wil in arbeidscontracten laten opnemen dat ambtenaren af en toe van functie veranderen. Daarnaast wil hij de maximale benoemingstermijn van zeven jaar uitbreiden naar het gehele topmanagement, dat wil zeggen inclusief de directeuren.

Maatregelen


Blok wil bovendien een beter zicht op de interne arbeidsmarkt, zodat sneller te zien is welk werk, tijdelijk of vast, er rijksbreed beschikbaar is. Daarnaast moet er een intern platform komen waarop medewerkers hun baan zelf in de etalage kunnen zetten. Ook het uitbreiden van pools van flexibel inzetbare medewerkers is nodig. Tot slot zullen leidinggevenden worden beoordeeld op de gerealiseerde personeelsmobiliteit op hun afdelingen.

Uitstroom


De mobiliteit bij het rijk is laag. In 2013 bedroeg de uitstroom, inclusief pensionering, 4%. Bij gemeenten was dat bijna 8% en in het bedrijfsleven ruim 5%. Van de rijksambtenaren ging nog niet 1% naar een functie buiten de rijksoverheid of naar een andere functie daarbinnen.

Bronnen: Binnenlands Bestuur, FD

 

Delen: