Scholieren in het voortgezet onderwijs kunnen tegenwoordig niet meer zonder goede laptop.. Dat is flinke kostenpost, die veel ouders niet zomaar op kunnen brengen. n. Om te zorgen dat ook kinderen van minder vermogende ouders mee kunnen komen is er vanuit de gemeente vaak een subsidie om die gezinnen tegemoet te komen. Uit onderzoek van retailer BCC onder alle Nederlandse gemeenten blijkt nu dat het bedrag wat ouders kunnen ontvangen sterk verschilt, afhankelijk van waar in Nederland je woont.

Negenhonderd euro verschil

BCC onderzocht alle 355 Nederlandse gemeenten en 353 bleken een laptop-regeling te hebben. Brummen in Gelderland en Den Helder (Noord-Holland) zijn de twee uitzonderingen. In Wijk bij Duurstede kunnen gezinnen tot wel 900€ krijgen om een laptop aan te schaffen voor een schoolgaand kind. Dat geeft al aan dat de verschillen, afhankelijk van de gemeente waar je woont, behoorlijk groot zijn.

BCC schat de nieuwprijs voor een basic laptop waar de meeste scholieren mee uit de voeten moeten kunnen, tussen de 400 en 500 euro. Omdat laptops niet gezien worden als leermiddel worden ze niet vergoed vanuit het Rijk, maar moeten scholen zelf voor de kosten opdraaien. Omdat zij niet over de benodigde middelen beschikken, worden de aanschafkosten afgewenteld op de ouders, meestal via de 'vrijwillige bijdrage'.

Beter in een dorp dan in de stad

Uit het onderzoek blijkt dat hoe groter de gemeente is, hoe kleiner de tegemoetkoming. Heeft een gemeente meer dan 75.000 inwoners dan is de maximale vergoeding gemiddeld € 370,--. Telt de gemeenten minder dan 75.000 inwoners ligt dit gemiddelde tien procent hoger op € 408,--.

Stichting Leergeld richt zich op het voorkomen van sociale uitsluiting van kinderen uit gezinnen met minimale financiële middelen. Directeur Gaby van den Biggelaar ziet bovenstaande problematiek met lede ogen aan. “Scholen gaan er te gemakkelijk vanuit dat alle ouders zo’n dure laptop kunnen betalen.” Uit cijfers van het Landelijke Ouderpanel blijkt echter dat bijna driekwart van de ouders moeite heeft moeite heeft om het bedrag op te brengen. Ruim driekwart van de ouders voelde zich door de school onder druk gezet om digitale leermiddelen uit eigen zak te betalen. Bovendien keuren scholen goedkope alternatieven, bijvoorbeeld een tweedehands model of verouderd model, in twee derde van de gevallen af. Van den Biggelaar: "Primair en voortgezet onderwijs zijn kosteloos in Nederland. Als we allemaal vinden dat digitalisering in het onderwijs niet weg te denken is, dan moet de overheid voor de juiste middelen zorgen." Er zijn op het moment geen indicaties dat de overheid voornemens is dat te gaan doen.

Bronnen: BCC, Binnenlands Bestuur, Leergeld.nl, AD

Delen: