De jaarlijkse budgetten voor de lokale rekenkamers zijn de afgelopen vijf jaar met 15% gedaald, blijkt uit onderzoek van Berenschot. Het budget werd zelfs gehalveerd in 56 gemeenten.

Het onderzoek van Berenschot, in opdracht van het ministerie van BZK, laat zien dat de rekenkamers in ruim vier op de tien gemeenten minder budget hebben dan in 2011. Het totale budget is sinds dat jaar afgenomen van 18 naar 15 miljoen euro. In iets meer dan de helft van de gemeenten zijn de budgetten in die periode gelijk gebleven. Bij tien gemeenten zijn de budgetten zelfs gestegen.

Decentralisatie


De budgetten zijn afgelopen jaar gemiddeld het meest gedaald. Dat is bijzonder, want juist afgelopen jaar is de totale begroting van de gemeenten toegenomen vanwege de decentralisatie van bepaalde taken van het Rijk. De onderzoekers geven aan dat bij bijna een derde van de gemeenten met een dalend budget van de rekenkamer het budget sinds 2011 met meer dan 50 procent is verlaagd.

Gemiddeld 0,98 euro


Het gemiddelde bedrag dat per inwoner wordt uitgegeven aan de rekenkamer is gedaald van 1,08 euro in 2012 naar 0,98 euro in 2015. Dit zijn gemiddelde bedragen: in zeven gemeenten krijgen de lokale rekenkamers al sinds 2011 helemaal geen cent meer. De onderzoekers stuitten daarnaast op 24 gemeenten met inactieve, slapende of zelfs helemaal geen rekenkamer. Dat komt verreweg het meest voor bij gemeenten met minder dan 20.000 inwoners. In deze gemeenten wordt de gemeenteraad dus helemaal niet door een rekenkamer bijgestaan in hun controlerende rol, terwijl de wet dat wel voorschrijft.

Ontevreden raad


Er blijkt een verband te zijn tussen hoe tevreden de raad is over, en hoeveel wordt bezuinigd op de rekenkamer. De onderzoekers concluderen dat bij gemeenten met relatief minder tevreden raadsleden het budget meer onder druk staat. Gelukkig zijn de raadsleden in ruim 70% van de gemeenten tevreden tot erg tevreden over hun lokale rekenkamer.

Bron: binnenlandsbestuur.nl
Delen: