Onderzoeker Tirza Cramwinckel vindt herijking nodig van de regel dat burgers geen rechten kunnen ontlenen aan informatie van de website van de Belastingdienst.

Geen beroep publieksvoorlichting Belastingdienst

Volgens de Leidse onderzoeker Tirza Cramwinckel is de regel dat burgers geen rechten kunnen ontlenen aan informatie op de website van de Belastingdienst aan herijking toe. Het risico dat in de voorlichting van de fiscus iets anders terechtkomt dan de wetgever heeft bedoeld, moet niet langer zonder meer op het bordje van de burger worden gelegd, stelt zij.

Bepaling Hoge Raad

De Hoge Raad – de hoogste rechter in belastingzaken – bepaalde bijna veertig jaar geleden dat de Belastingdienst zijn voorlichtende taak onbelemmerd moet kunnen uitvoeren. Dat zou in de knel komen als aan het voorlichtingsmateriaal rechten zouden kunnen worden ontleend, aldus de Raad. Alleen bij hoge uitzondering kunnen belastingplichtigen zich beroepen op de publieksvoorlichting van de fiscus.

Geen disclaimer

De doorsnee bezoeker van Belastingdienst.nl zal niet weten dat hij zich niet kan beroepen op de verstrekte informatie. Hij kan het ook niet terugvinden in een disclaimer, want die ontbreekt. Ook belastingplichtigen die hulpprogramma's of folders raadplegen bij het doen van hun aangiftes, worden meestal niet gewaarschuwd dat zij zich in voorkomende gevallen bij de rechter niet kunnen beroepen op de aangeboden informatie.

Juridische status voorlichting en communicatie

Cramwinckel, die de studies Nederlands en fiscaal recht combineert, onderzoekt de juridische status van voorlichting en communicatie van de Belastingdienst. Zij onderzocht eerder hoe de Belastingdienst het ervan afbrengt bij de vertaling van fiscale wetteksten naar publieksvoorlichting.

“De Belastingdienst hecht veel waarde aan de uitleg van belastingregels en is daar heel succesvol in”, oordeelt de onderzoeker. “Ik heb het zelf ook al eens geprobeerd, maar het is geen sinecure fiscale teksten die zelfs voor specialisten moeilijk te doorgronden zijn te vertalen in begrijpelijke taal. Je krijgt meteen te maken met het spanningsveld tussen juridische juistheid en begrijpelijke taal.”

Robuuste wetgeving, zonder open normen bijvoorbeeld of leemtes die interpretatieverschillen oproepen zou het vertaalwerk vergemakkelijken, zegt Cramwinckel. Maar in plaats daarvan maken regering en parlement het de Belastingdienst extra lastig met veelvuldige en elkaar snel opvolgende aanpassingen in de belastingwetgeving.

Perspectief burger bij trias politica

Door het taalkundig onderzoek voegt Cramwinckel naar eigen zeggen het perspectief van de burger toe aan de klassieke trias politica, de scheiding van de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht. Cramwinckel vindt dat het perspectief van de burger tot dusver onvoldoende is belicht. Dat ligt niet aan onwil bij het ministerie van Financiën of de Belastingdienst. Zij heeft nog geen antwoord op de vraag of de publieksvoorlichting een bindende juridische status moet krijgen. Voor haar staat vast dat de Belastingsdienst nu meer belang heeft bij goed geïnformeerde burgers dan veertig jaar geleden. Het beroep dat de dienst doet op zelfredzaamheid vereist dit. In haar ogen rechtvaardigt dat in iedere geval een herbezinning op de verdeling van het risico tussen Belastingdienst en belastingbetaler als er iets fout gaat in de vertaalslag van wetten naar begrijpelijke communicatie.

Bron: Financieel Dagblad

Delen: